START        ORGANISATIE        WEEKBERICHTEN        LIDORGANISATIES        ACTUEEL        KLOO        SOO        LINKS        CONTACT


m
2008                2009                2010
                2011                2012
m

week:
1 - 2 - 3 - 4 - 5 - 9 - 10 - 11 - 12 - 14 - 15 - 19 - 21 - 22 - 23 - 24 - 26 - 36 - 38 - 39 - 40 - 41 - 43 - 44 - 45 - 46 - 47 - 48 - 49 - 50 - 51


16 juni 2011                                                                                WEEKBERICHT WEEK 24



Prof. Mr. P.W.A. Huisman  -  enkele actualiteiten rond de essentiele kenmerken van het openbaar onderwijs


Over dit onderwerp sprak en discussieerde Prof. Huisman met het algemeen bestuur van het CBOO in het thematisch deel van de bestuursvergadering op 14 juni jl.

Prof. Huisman heeft op 19 mei zijn oratie als bijzonder hoogleraar onderwijsrecht gehouden aan de Erasmus School of Law, vanwege de stichting Bijzondere leerstoel onderwijsrecht op pluriforme grondslag. In zijn oratie is hij ingegaan op de vraag van het dragerschap van de vrijheid van onderwijs, mede in het licht van de bestuurlijke ontwikkelingen in het onderwijs. Hij is daarnaast verbonden aan de Haagse Hogeschool als senior lecturer bij de Academie voor Bestuur, Recht en Veiligheid waar hij een lectoraat aan het opzetten is rond Right to Education.

Huisman is betrokken bij twee actuele politiek-landelijke trajecten die ook raken aan de positie van het openbaar onderwijs:

1. Een advies van de hoogleraren Onderwijsrecht (in de wandelgangen de commissie ‘ Elias’) inzake een onderzoek naar het begrip richting in de scholenplanning. Het verzoek van de minister van OCW is om op korte termijn te adviseren over de mogelijkheden van een veranderd begrip van ‘richting’ als bedoeld in artikel 23, vijfde lid, Grondwet en de onderwijswetgeving en over de consequenties daarvan voor: a. de scholenplanning, b. het beginsel van de alomtegenwoordigheid van het openbaar onderwijs, en c. de fusietoets. De positie van het stichten van openbare scholen is daarbij zoals gezegd nadrukkelijk aan de orde. De minister zal naar waarschijnlijkheid in het najaar reageren op het advies.

2. Een advies van de onderwijsraad met als (werk)titel “Naar een breed gedragen vrijheid van onderwijs”. Dit is een follow up van de brede verkenning uit 2002. Een van de discussie-items zal zijn de houdbaarheid van het duaal system. In 2002 was er voor de raad geen reden om het systeem ter discussie te stellen. Op dit moment zijn er bewegingen waarbij in bestuurlijk zin openbaar en bijzonder onderwijs steeds meer naar elkaar toegroeien (90% van het openbaar onderwijs  is inmiddels bestuurlijk verzelfstandigd). Er zijn ook bewegingen waarneembaar waarbij instellingen ook in de voorschoolse periode richtinggebonden opvang/onderwijs aanbieden. De vraag is wat dit betekent voor de toepassing van artikel 23 Grondwet.

Huisman stipt in zijn korte inleiding vier observaties aan als mogelijke punten voor discussie.

1. Levensbeschouwelijke neutraliteit en de (noodzaak tot) pluriformiteit: Het openbaar onderwijs is levensbeschouwelijk pluriform, en biedt ook de gelegenheid tot het vormen van godsdienstonderwijs. Tegelijk zijn (internationaal) bewegingen waarneembaar die tenderen naar een scherpere scheiding tussen kerk en staat, en meer afstand van het openbaar onderwijs ten aanzien van religie.

Over dit thema werd niet lang gepraat. Het CBOO-bestuur is van oordeel, dat in de Nederlandse situatie de levensbeschouwelijke pluriformiteit de voorkeur verdient.

2. Voldoende aanbod aan openbaar onderwijs: De fusietoets en de speciale rol openbaar onderwijs. Huisman constateert dat de per 1 oktober geldende fusieregelgeving de fusie tussen openbare en bijzondere scholen slechts bij noodzaak tot stand kan komen (vgl. met de regeling van de samenwerkingsschool).

3. Toegankelijkheid en selectie: Is strenger selectiebeleid ook voor het voortgezet openbaar onderwijs mogelijk? Huisman constateert, ook in zijn oratie, dat een toelatingsbeleid op grond van pedagogische of kwaliteitsmotieven ook mogelijk is voor het openbaar onderwijs, zolang de garantiefunctie niet in het geding is.

4. Governance en rol gemeente: De legitimering van het openbaar onderwijs. Huisman stelt dat met de mogelijkheid van raden van toezicht in het openbaar onderwijs, het openbaar onderwijs in potentie ‘ontdemocratiseerd’ kan worden. De wettelijke regeling is nu dat bij verzelfstandigde vormen van openbaar onderwijs minimaal 1/3 tot maximaal de helft van het aantal bestuurszetels moet worden gevuld op bindende voordracht van de ouders van de betreffende scholen. Bij een RvT-model wordt die bepaling van toepassing op de RvT, niet meer op het bestuur: de ouders worden bestuurlijk ‘op afstand’ gezet. Eveneens worden in dit model de toezichthoudende bevoegdheden van de gemeenteraad ingeperkt. Het zou volgens Huisman interessant zijn te onderzoeken in welke mate ouders nog direct betrokken zijn bij het bestuur van de scholen (als bestuurder) of raad van toezicht, en in welke mate de gemeenteraad daadwerkelijk is betrokken bij het toezicht op het verzelfstandigd openbaar onderwijs. Recente empirische gegevens ontbreken hierover, alhoewel er volop discussie is over democratische betrokkenheid van burgers bij maatschappelijke instituties zoals onderwijsinstellingen.

Met prof. Huisman is afgesproken, dat n.a.v. de thema’s  2 en 4 onderzoeksvragen in het kader van Kortlopend Onderwijsonderzoek (KLOO) worden geformuleerd. Het CBOO-secretariaat dient de vragen in en neemt deel in het adviesoverleg over de KLOO-aanvragen, waarin behalve het CBOO, de NABS, KBO en de besturenraad zijn vertegenwoordigd.

Daarnaast heeft het CBOO-bestuur het dagelijks bestuur opgedragen m.b.t. de voornoemde thema’s 2 en 4 te bezien of hierop in het belang van het openbaar onderwijs ook politieke actie moet worden ondernomen.




Bedreiging van het openbaar onderwijs


Het CBOO-bestuur heeft in zijn bestuursvergadering van 14 juni jl. gesproken met de nieuwe hoogleraar pluriform onderwijsrecht Pieter Huisman. Daarbij kwam een aantal juridische bedreigingen van het openbaar onderwijs aan de orde. Het CBOO is verontrust over de ontdemocratisering door fusies en de invoering van raden van toezicht die de grondwettelijke relatie met de overheid veronachtzamen.

Een treurig voorbeeld daarvan staat in AOb Onderwijsblad 11 (blz.5) waardoor het openbaar voortgezet onderwijs uit de Gelders Achterhoek is verdwenen en de verantwoordelijke bestuurder nog een bonus toe krijgt! Het Onderwijsblad vergeet er bij te vermelden dat het om openbaar onderwijs gaat dat verkwanseld wordt. Het CBOO-bestuur heeft daarom besloten om onderzoek in te stellen om deze misstanden in kaart te brengen en daardoor in de toekomst beter te kunnen aanpakken.

CBOO-voorzitter Prof. Dr. Rob Tielman

 


Antwoord op vragen Van der Ham over subsidie religieus vormingsonderwijs op openbare scholen

(dinsdag 14 juni 2011)

Vragen van het TK-lid Van der Ham (D66) aan de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over subsidie religieus vormingsonderwijs op openbare scholen (ingezonden 23 maart 2011).
Antwoord van minister Van Bijsterveldt-Vliegenthart (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) (ontvangen 11 april 2011).

Vraag 1
Wat is de actuele stand van zaken inzake het religieus en levensbeschouwelijk vormingsonderwijs binnen het openbaar onderwijs? Kunt u cijfermatig inzichtelijk maken hoe vaak hier gebruik van wordt gemaakt en welke kosten brengt dit met zich mee?

Antwoord 1
In het schooljaar 2010–2011 zullen ongeveer 70 000 leerlingen van openbare scholen godsdienstonderwijs of humanistisch vormingsonderwijs (G/HVO) ontvangen. Voor het G/HVO ontvangen de samenwerkende organisaties (zie verder het antwoord onder 2) voor 2010–2011 een bedrag van € 10 000 000. Dit wordt voor iets meer dan 95% gebruikt voor de personele kosten en de kosten van de deskundigheidsbevordering van de leraren die het G/HVO geven.  Voor het overige gaat het om de kosten van het Dienstencentrum G/HVO en werkgeverskosten van de diverse organisaties.

Vraag 2
Is het waar dat dit vormingsonderwijs verplicht bij het Dienstencentrum GVO en HVO moet worden afgenomen? Zo ja, waarom is dit?

Antwoord 2
In de wet op het primair onderwijs is vastgelegd dat godsdienstonderwijs wordt gegeven door leraren die daartoe zijn aangewezen door kerkelijke gemeenten, plaatselijke kerken, of rechtspersonen met volledige rechtsbevoegdheid die zich volgens hun statuten het geven van dit onderwijs ten doel stellen. Wat betreft levensbeschouwelijk vormingsonderwijs is bepaald dat dit wordt gegeven door leraren daartoe aangewezen door organisaties op geestelijke grondslag die volledige rechtsbevoegdheid bezitten. In de praktijk gaat het om op landelijk niveau werkende organisaties die al een aantal jaren onderling nauw samenwerken. Deze organisaties zijn dus de werkgevers van bedoelde leraren en zij zijn verantwoordelijk voor uitvoering en inhoud van het G/HVO. Scholen nemen het G/HVO bij deze organisaties af. Zoals u weet heeft uw Kamer in het verleden herhaaldelijk gewezen op de noodzaak van een subsidiering van het G/HVO en de vorming van een passende (landelijke) organisatiestructuur. Een uitvloeisel hiervan is de oprichting van het Dienstencentrum GVO en HVO dat wordt bestuurd door de samenwerkende organisaties.

Vraag 3
Klopt het dat GVO en HVO sinds 2009 door de overheid wordt gesubsidieerd, terwijl dit daarvoor niet het geval was? Waaruit onttrokken deze organisaties voorheen hun geld? Is het in het kader van de scheiding kerk en staat en versobering van de overheidsuitgaven niet logisch om deze subsidies te heroverwegen?

Antwoord 3
Ja het G/HVO wordt na een langdurig debat tussen opeenvolgende kabinetten en de Kamer en op aandrang van de Kamer vanaf 1 augustus 2009 gesubsidieerd. Daarvoor werd het betaald vanuit eigen middelen van de organisaties en vooral vanuit subsidies door gemeenten. Zoals u bekend zal zijn, wordt er over de consequenties van het beginsel van de scheiding van kerk en staat verschillend gedacht. Zo heeft de Onderwijsraad destijds in het advies «Dienstverband, godsdienst en openbare school» (31 maart 2006) aangegeven dat een subsidiëring door de overheid van het G/HVO niet (bij voorbaat) in strijd is met de Grondwet en een grondwettelijk beginsel als de scheiding van kerk en staat. Dit met een verwijzing naar de situatie van de geestelijke verzorging binnen de krijgsmacht en het gevangeniswezen. Ook de Kamer heeft in voornoemd beginsel geen belemmering gezien om zich voor subsidiëring uit te spreken.

 


Nieuwe CBOO-bestuurder benoemd

Na het aftreden van IKOS-voorzitter Jan Hendriks is als nieuw bestuurslid van het CBOO benoemd de heer P(eter) den Dikken.

Peter den Dikken vertegenwoordigt in het CBOO het bestuur van de stichting Protestants Centrum voor Godsdienstig Vormingsonderwijs (PC GVO) te Utrecht. Deze landelijke stichting is werkgever van ongeveer 425 protestantse docenten die het godsdienstonderwijs verzorgen op openbare basisscholen. De vijf bestuursleden vertegenwoordigen de diverse landelijke verbanden die betrokken zijn bij dit onderwijs te weten de PKN (Protestantse Kerk in Nederland), de vrijzinnige kerken, de orthodoxe kerken, het IKOS (Inter Kerkelijk Overleg in Schoolzaken) en de HGJB (Hervormd Gereformeerde Jeugd Bond).

Het PC GVO valt sinds de oprichting in 2009 onder de koepel van het landelijke Dienstencentrum GVO en HVO (Humanistisch Vormingsonderwijs), waarin tevens de andere stichtingen voor GVO participeren: de Katholieke, Islamitische en Hindoeïstische. Genoemd dienstencentrum onderhoudt het contact met de scholen.

Bovengenoemd geheel wordt gesubsidieerd door het Ministerie van OCW en zo kunnen de salarissen van de docenten volgens de CAO, het aanstellen van regiobegeleiders, de nascholing, het administratief bureau en dergelijke worden bekostigd.

Peter den Dikken is geboren te Rotterdam (1944) en heeft zijn opleiding genoten aan de toenmalige Gemeentelijke Kweekschool. Na een veertigjarig dienstverband bij het openbaar basisonderwijs als leraar, schoolhoofd, directeur en algemeen directeur ener fusieschool, ging hij eind september 2005 met de FPU.

Naast allerlei vrijwilligerswerk en kerkenwerk, was hij ruim twintig jaar actief binnen de commissie “Godsdienstonderwijs op de openbare basisschool”, uitgaande van genoemde HGJB. Deze commissie ontwikkelde lessen voor docenten GVO op de openbare basisscholen. Deze commissie is met haar werkzaamheden gestopt toen er een professionele methode voor godsdienstonderwijs werd ontwikkeld.

Bij de oprichting van de stichting PC GVO is hem door de HGJB gevraagd om namens dit verband zitting te nemen in het bestuur PC GVO.

Klik HIER voor nadere informatie over PC GVO.

Nadere informatie over Peter den Dikken is HIER te vinden. 

 


Sectordag GVO en HVO   -   Hoop in je rugzak


Op vrijdag 24 juni a.s. vindt in Driebergen de sectordag voor alle docenten in het humanistisch en godsdienstig vormingsonderwijs (GVO en HVO) plaats. Het thema van de dag is ‘Hoop in je rugzak'. Deze dag wordt georganiseerd door het protestants-christelijk en rooms-katholiek GVO. De uitvoering is in handen van JOP, jeugdorganisatie van de Protestantse Kerk en de HGJB, de Hervormd-Gereformeerde Jeugd Bond.

Thema ‘Hoop in je rugzak'
In de huidige samenleving worden kinderen zo opgevoed dat ze zichzelf later kunnen redden. Tot zelfstandigheid dus. Ze leren wat ze nodig hebben om zichzelf staande te houden. Om zich te ontwikkelen tot mondige burgers, die op eigen kracht participeren in de samenleving. Dit past bij de ontwikkeling om mensen meer te zien als individuen. Je staat als mens op jezelf. Je wordt zó opgevoed dat je voor jezelf een plek vindt om mee te doen in de samenleving. Individualisme zonder oog voor anderen kan hier een vervelend uitwas van zijn... Maar ‘individualiteit' in de zin van: hoe mensen zichzelf zien en begrijpen, heeft een levensbeschouwelijke dimensie die dit begrip diepte en perspectief kan geven. De ontwikkeling van individualisering roept meer dan voorheen de vraag op wie je als mens zelf bent. Waar kom je vandaan, waar ga je naar toe? Levensbeschouwelijk en godsdienstig onderwijs helpt kinderen om deze vragen te stellen en antwoorden te zoeken. GVO en HVO doen dit bij uitstek: kinderen helpen bij het vormgeven van hun eigen levensverhaal en hun eigen weg door het leven. Een leven met een bestemming, dat zich dus niet zomaar, zinloos, voltrekt. GVO en HVO willen hoop geven in de rugzak van kinderen, die ze mee mogen nemen op hun levensweg. Dit is het thema dat door de hoofdsprekers en in de workshops besproken wordt.

Klik HIER voor het officiële persbericht.

 


Minister hinkt op 2 gedachten


Het CBOO neemt deel in de onderwijsalliantie voor seksuele diversiteit.  Deze alliantie is gestart om voor deze diversiteit in het onderwijs het vereiste draagvlak te bevorderen. Deelnemers zijn ondermeer de onderwijswerknemersorganisaties AOb en CNVO, alsmede het CBOO als Platform voor alle geledingen in het openbaar onderwijs. Het ministerie van OCW heeft onder het ministerschap van Plasterk een subsidie toegekend voor het werk dat de alliantie verricht.

Ook onder het ministerschap van Mevr. Van Bijsterveldt-Vliegenthart wordt deze subsidie  voortgezet en zelfs (in bescheiden mate) verhoogd, omdat het grote belang van het werk van de veldorganisaties wordt ingezien! In dat licht bezien is het vreemd dat minister Marja van Bijsterveldt van OCW blijft bij haar besluit, dat voorlichting over homoseksualiteit in het primair en voortgezet onderwijs niet verplicht mag worden gesteld. Het CBOO is verheugd, dat ook VOS/ABB duidelijk laat weten, dat de stellingname van de minister als onjuist wordt gezien. Het CBOO hoopt, dat de besturen van openbaar primair en voortgezet onderwijs op dit dossier actiever beleid gaan voeren.

 


Wethouder van Es wil met pabo’s in gesprek over homoseksualiteit

(Persbericht van EduDivers, 16 juni 2011)


“Leerkrachten zijn degenen die hun leerlingen moeten voorzien van de juiste informatie over burgerschap en seksuele diversiteit, en dat zonder gene moeten kunnen doen. Daarom is deze e-learning module voor pabo’s zo belangrijk.”

Dat zei wethouder Van Es van Amsterdam gisteren ter gelegenheid van de presentatie van de nieuwe module, die vanaf dat moment gratis beschikbaar is via www.homolesbiopschool.nl. De wethouder wil zo snel mogelijk met de lokale pabo’s in gesprek over het gebruik van deze module en verdere integratie van seksuele diversiteit in het curriculum en beleid van de scholen.

Tijdens de presentatie werd de module overgedragen van het IHLIA (Internationaal Homo Lesbisch Documentatiecentrum en Archief aan EduDivers (Kenniscentrum Onderwijs en Seksuele Diversiteit). Om de invoering van de module op pabo’s te stimuleren, heeft EduDivers in samenwerking met de landelijke Onderwijsalliantie voor Seksuele Diversiteit een strategisch plan ontwikkeld. Peter Dankmeijer, directeur van EduDivers, zegt daarover: “De module is een prachtig product en de studenten reageren er enthousiast op. Eerder ontwikkelden wij zelf al het lessenpakket ‘Leefvormen’, dat ook gratis is en alleen dit jaar al ruim 6000 keer is gedownload. Er is dus wel belangstelling, maar toch blijft het gebruik ervan in klassen achter. Er is veel koudwatervrees: men zegt vaak ‘het is bij ons bespreekbaar’, maar meestal wordt het ook dan niet besproken. Daarom hebben we een strategisch plan ontwikkeld om het in beweging te brengen."

Een factsheet over de stand van zaken rond homoseksualiteit in het basisonderwijs evenals het strategische plan kunnen gedownload worden van www.EduDivers.nl.

 


NIEUWE MOGELIJKHEDEN         

Het CBOO bericht is niet alleen bron van nieuws, dat wordt aangeboden.

U kunt er zelf ook aan bijdragen door:

  • te reageren op meningen, die er in worden gegeven. Ze zullen mits niet buiten publicitaire orde worden geplaatst om de berichten ook als interactief medium te kunnen inzetten. Ze worden dan immers een forum voor discussie!
  • nieuws te plaatsen, dat behalve voor uw openbare school of daaraan verwante instelling interessant kan zijn voor lezers van CBOO berichten. Dat kan te maken hebben met positieve PR t.b.v. openbare scholen, tot het aankondigen van manifestaties die van belang zijn voor velen die in of voor het openbaar onderwijs werken.
  • oproepen te laten plaatsen voor acties, die met het openbaar onderwijs van doen hebben. Mogelijkheid daarbij is, dat het CBOO een intermediaire rol kan spelen bij het onder de aandacht brengen van het door u te berde gebrachte bij bijvoorbeeld lokale overheden, besturen openbaar onderwijs, maar ook landelijke politici. Die lezen voor zover het leden van de Vaste Kamercommissie Onderwijs van de Tweede Kamer (en ambtenaren van het Ministerie van OCW) betreft ook CBOO berichten.
  • voor voorgaande zaken en voor verdere inlichtingen te mailen met info@cboo.nl of te bellen 030 - 2989167 (buiten kantooruren wordt u doorgeschakeld naar mobiel nummer van CBOO secretaris M. Hietbrink).