START        ORGANISATIE        WEEKBERICHTEN        LIDORGANISATIES        ACTUEEL        KLOO        SOO        LINKS        CONTACT


m
2008              2009              2010
              2011              2012              2013              2014             2015             2016
m

week:
2 - 3 - 4 - 5 - 6 - 7 - 10 - 11 - 12 - 13 - 14 - 15 - 17 - 18 - 21 - 22 - 23 - 24 - 25 - 26 - 27 - 36 - 39 - 40 - 42 - 45 - 46 - 47 - 48 - 49 - 50 - 51



4 februari 2015      
                        WEEKBERICHT WEEK 6



Gecoördineerde actie van CBOO en AOb


In  2008/2009 is het bevoegd gezag van een aantal openbare basisscholen van de stichting voor openbaar primair onderwijs SPOP overgedragen naar de aanvankelijke RK stichting MOVARE. Formeel is dat daardoor een samenwerkingsbestuur geworden.

Bij de overdracht is duidelijk bepaald dat de openbare scholen van SPOP, die werden overgedragen aan het RK-schoolbestuur MOVARE (samenwerkingsbestuur), hun wezenskenmerken die gelden voor het openbaar onderwijs zouden behouden. Overigens is dat een wettelijke verplichting in de constructie van een samenwerkingsbestuur. Deze verplichting is in de wet terecht gekomen ten tijde van het wetsvoorstel nieuwe bestuursvormen openbaar onderwijs en de samenwerkingsschool, later samenwerkingsbestuur (1997). In de wetsgeschiedenis zijn niet veel woorden gewijd aan deze bepaling, maar er is wel het volgende over opgemerkt: “In het (jaar)verslag wordt in elk geval aandacht besteed aan de wijze waarop het bestuur aandacht heeft besteed aan de wezenskenmerken van het openbaar onderwijs, te weten: de algemene toegankelijkheid, de levensbeschouwelijke pluriformiteit en het non-discriminatiebeginsel voor wat betreft het personeel (TK 1994 – 1995, 24138, nr. 3  p.13).” Van de rapportage door het schoolbestuur wordt dus verwacht, dat via het jaarverslag voortdurend op controleerbare wijze verantwoording wordt afgelegd.

Bij het ter hand nemen van het jaarverslag 2013 van de Stichting MOVARE blijkt, dat e.e.a. wel heel summier is beschreven. Volgens het CBOO en de AOb Groep Openbaar Onderwijs is niet beschreven wat er aan beleid ten aanzien van de openbare scholen, die sinds 2008 onder MOVARE ressorteren, is ontwikkeld, laat staan geïmplementeerd. Tegen de achtergrond van het feit, dat zelfstandig openbaar onderwijs in Zuid- en Midden-Limburg sinds 2008 bijna geheel is verdwenen en de belofte is gedaan dat het openbaar onderwijs binnen MOVARE herkenbaar aanwezig zou blijven, is dit reden om de betrokkenen bij deze zaak hierop aan te spreken.

De AOb Groep Openbaar Onderwijs heeft aan de personeelsgeleding van de MR-en van scholen die momenteel door het bestuur van MOVARE zijn ingeboekt als openbare scholen een brief geschreven met de vraag of en zo ja in hoeverre de openbare identiteit wordt ingevuld. Het CBOO heeft een brief met vergelijkbare strekking naar de oudergeledingen van dezelfde groep scholen gestuurd.

Daarnaast heeft het CBOO aan de gemeenten die in 2008/2009 akkoord zijn gegaan met de overdracht van de openbare scholen van de verzelfstandigde openbare stichting SPOP aan het samenwerkingsbestuur MOVARE aangegeven, dat zij de enigen zijn die deze verplichting tot behoud van de openbare identiteit op de openbare scholen van MOVARE kunnen borgen. Daarbij wordt ondermeer de vraag voorgelegd hoe zij zijn geïnformeerd over de instandhouding van het openbare karakter van deze scholen.

Tot slot heeft het CBOO zich gewend tot de bestuurder ad interim van MOVARE met een brief waarin diezelfde zaken aan de orde worden gesteld en wordt verzocht om een gesprek. CBOO en AOb wachten vooralsnog reacties van betrokkenen af.






Minisymposium: Juridisering in het onderwijs (en wat er aan te doen)

Zwaartepunt Goed bestuur in een Veilige Wereld, Haagse Hogeschool, 30 januari 2015


De aanleiding voor het symposium was het eind december uitgebrachte Basisboek Onderwijsrecht, uitgegeven door Sdu met steun van de Nederlandse Vereniging voor Onderwijsrecht (NVOR).

Verdienste van de NVOR is dat deze vereniging er steeds beter in slaagt vanuit een wetenschappelijke onafhankelijkheid partijen in de onderwijswereld bijeen te brengen. Zo zeggen schoolbesturen, onderwijspersoneel en ouders/leerlingen bij voortduring dat ze er last van hebben, dat er steeds meer regeltjes zijn die verstikkend werken op een vlotte uitvoering van maatregelen t.b.v. het onderwijsproces op alle niveaus. De conferentie had dan ook o.l.v. Mr. Dr. F.H.J.G. Brekelmans, o.a. medewerker bij het tot stand komen van het Basisboek, een heel logische en heldere opbouw. De NVOR had gekozen voor een stappenplan.

De aftrap werd verricht door Ruud van der Aa, partner Ecorys Rotterdam, auteur van o.a. Regeldruk voor OCW-instellingen 2004-2010, die een inleiding hield over regels, regulering en regeldruk in het onderwijs. Hij maakte het scherpe onderscheid tussen de feitelijke regeldruk (kosten en lasten die scholen ondervinden om te voldoen aan informatieverplichtingen die voortvloeien uit wet – en regelgeving) enerzijds en anderzijds gepercipieerde – ervaren – regeldruk (de druk die een persoon ervaart als gevolg van al dan niet bestaande wet- en regelgeving). Belangrijkste conclusie van de spreker was, dat de feitelijke regeldruk in de onderzoeksperiode 2004–2010 niet is toegenomen. Dat doet er volgens hem echter niet toe. Kennelijk zijn er actoren in het onderwijs die dat, ieder vanuit een eigen invalshoek, toch anders ervaren. Met cijfers geïllustreerd, liet Van der Aa zien dat precies is te traceren op welke punten regelgeving voortvloeit uit wetgeving en regels die de overheid oplegt. Die druk is in % gemeten niet groot. Kennelijk is er daarnaast een regelgeving die voortvloeit uit factoren, die te maken hebben met de bestuurlijke en besluitvormingsstructuur in het onderwijs. Daarover mochten vervolgens actoren in het onderwijs het woord voeren.

Vanuit de bestuurspraktijk gaf Hein van Asseldonk (vice-voorzitter VO-raad) zijn visie op de ervaren regeldruk. Aan de hand van een aantal voorbeelden schetste hij het beeld van een regelende overheid, die zoveel zaken heeft dichtgetimmerd, dat actoren in de bestuurskamers en op de werkvloer in procedures verzanden die slopend zijn voor betrokkenen.

AOb-voorzitter Walter Dresscher koos een andere invalshoek door de huidige situatie in een historisch perspectief te plaatsen. Hij stelde dat deregulering door MinOCW tot maatstaf is verheven. Die deregulering was bedoeld om leraren meer vrijheid en autonomie te geven in hun beroepsuitoefening. Omdat tegelijkertijd de bestuurlijke verzelfstandiging van start ging, ontstond vanzelf nieuwe regelgeving die was afgeleid van de circulaire regen, die voor de verzelfstandiging uit MinOCW kwam. Daardoor, aldus Dresscher, ontstaat een nieuwe en extra regelgeving. Omdat schoolbesturen elkaar beconcurreren, ontstaat de tendens e.e.a. in de scholen zo goed mogelijk te regelen, hetgeen dan weer tot nieuwe regels leidt. Hij had ook een remedie. Werk aan professionalisering van schoolleiders, geef vertrouwen als het goed gaat. En dat zonder aansturende regels; stuur bij als het nodig is. Onderwijspersoneel kent de hoogste baantevredenheid. De positie van de leraar moet zijn: De spil van het onderwijsveld om vanuit vakmanschap leerlingen voor te bereiden op de samenleving. In die situatie zijn er minder regels nodig en verdwijnt de regeldruk, aldus de AOb-voorzitter.

In tegenstelling tot wat het oorspronkelijke programma vermeldde, leverde MinOCW ook een bijdrage. De heer De Kok bekeek vanuit een zekere afstandelijkheid de problematiek van de juridisering en stelde o.a. dat:

           de politieke onvoorspelbaarheid voortdurend veranderingen met zich meebrengt.
           regels interpreteerbaar zijn en worden bekeken door partijen met verschillende belangen.
           daardoor de neiging bestaat om reeds bestaande regels te expliciteren, waardoor nieuwe regels ontstaan.

Mede hierdoor is ook MinOCW begonnen aan een eigen doordenking van de effecten van beleid in de vorm van een beleidsagenda. Daarbij is het o.a. de bedoeling, dat:

           MinOCW de verplichtingen gaat matigen.
           consequent wordt nagedacht over de effecten van regeldruk.
           er experimenteerscholen komen, waar MinOCW de eigen regelgeving gaat toetsen.
           “van buiten naar binnen gewerkt gaat worden” d.w.z. eerst kijken wat speelt en daarna beoordelen of 
             regelgeving noodzakelijk is.
           meer contact wordt gezocht met het onderwijsveld. In het kader daarvan wil MinOCW streven naar een                      vereenvoudiging van de bekostiging en schoolsectoren gelijk en gelijktijdig benaderen.
           ondermeer nagedacht wordt over loslaten van vaste regels voor onderwijstijd en het afschaffen van de                      commissies van beroep.

Na een discussie met de aanwezigen, volgde een inhoudelijke afsluiting van het thema door prof. Mr. Dr. Pieter W.A. Huisman, hoogleraar onderwijsrecht en auteur van het Basisboek Onderwijsrecht. Er is inderdaad sprake van een opmerkelijke juridisering. Daarbij is onderwijsrecht een reflexie van de samenleving, aldus de auteur van het Basisboek. Men is heel spits als het gaat om gebruik maken van rechten en het onderwijs moet daar net als andere sectoren van de samenleving op inspelen. Daarnaast is het zo, dat als je iemand een bevoegdheid geeft, hij/zij deze ook gaat uitoefenen. Het begrip juridisering omschreef Huisman als “een relatie tot een rechtsrelatie maken”. Toegepast op het onderwijs kwam hij tot de conclusie dat als het vertrouwen negatief is, maar het verwachting positief, dit leidt tot een toename van de regulering. Onderwijsjuristen kunnen bijdragen aan verduidelijking van het grote aantal regels door ouders, personeel en overheden de weg te wijzen uit het labyrint. Die gedachte was voor auteur Pieter Huisman en overige medewerkers inspiratiebron om met actuele informatie als basis het Basisboek Onderwijsrecht te schrijven.

Het boek kan HIER besteld worden.






Conflict bij Bestuur ROOBOL is nog niet opgelost

Ontleend aan Leeuwarder Courant


Er komt een onafhankelijk onderzoek naar de aanhoudende onrust rond de Burgerschool en het conflict tussen ouders en het Roobolbestuur. Dat zegt Willie van der Galiën-Roodhardt, voorzitter van de Raad van Toezicht van het Roobol.

Woensdag sprak zij met schooldirecteuren en de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad. Volgens Van der Galiën richt het onderzoek zich op de oorzaak van het rumoer en op mogelijke oplossingen. Het conflict begon in december, toen de directeur van de Burgerschool weg moest. Ouders kwamen massaal in opstand en eisten het vertrek van Rooboldirecteur Trees Galama. Toenadering is er nog altijd niet.

 




Trainingen HVO


Training Digitale identiteit – wie ben ik online?
21 februari 2015

Internet: een plek van eindeloze vrijheid, autonomie en democratie? Of extra mogelijkheden tot pesten en liegen? Hoe gaan we hiermee om en wat willen we onze leerlingen meegeven?

Op zaterdag 21 februari vindt de Training Digitale identiteit – wie ben ik online? plaats in Utrecht. In deze training onderzoeken we belangrijke thema’s en levensvragen rondom digitale identiteit. Hoe kun je als docent een rol spelen in de virtuele vorming van je leerlingen? Na deze training kunt u uw leerlingen begeleiden bij het kritisch en wijs omgaan met de nieuwe media op het gebied van waarden, identiteit en zingeving vanuit een positieve invalshoek. U krijgt verschillende werkvormen en lesideeën op het gebied van virtuele vorming, waarmee u direct aan de slag kunt met uw leerlingen.

Voor meer informatie, klik HIER.


Training Omgaan met grensoverschrijdend gedrag
13 maart 2015

Soms kan het moeilijk zijn om met ongewenst gedrag van leerlingen om te gaan. Gedrag waarbij over (uw) grenzen gegaan wordt, gedrag dat het leer- en werkklimaat negatief beïnvloedt.

Op zaterdag 13 maart vindt de Training Omgaan met grensoverschrijdend gedrag plaats in Utrecht. Deze training richt zich op het voorkomen van en het adequaat en effectief reageren op storend gedrag. Er worden vanuit diverse invalshoeken perspectieven aangereikt. Na deze training kunt u praktische vaardigheden toepassen om grensoverschrijdend gedrag adequaat te hanteren, waardoor een prettiger leer- en werkklimaat ontstaat. U kunt uw eigen grenzen stellen binnen het gewenste pedagogische en didactische klimaat in de klas, en hebt uw pedagogische en organisatorische competenties versterkt.

Meer informatie, klik HIER.

 




Nieuw themaboek De H-factor – Inspiratiefiguren voor het humanisme

Persbericht HVO


Deze maand is het themaboek ‘De H-Factor - Inspiratiefiguren voor het humanisme’ uitgebracht door Centrum Humanistische Vorming. De auteur is Kim Dusch. Het boek bevat een jaarprogramma van 40 lessen, die ook los van elkaar kunnen worden uitgevoerd. Er worden 19 personen behandeld vanaf 470 voor het begin van onze jaartelling tot heden. Aan de hand van onder andere filosofische teksten, poëzie, kunst en videomateriaal worden de leerlingen op verschillende manieren geprikkeld zelf op onderzoek uit te gaan en hun eigen waarden en hun kijk op de wereld te verkennen.

De lessen dragen bij aan brede vorming omdat het historisch bewustzijn van de leerlingen vergroot wordt en belangrijke thema’s als vrijheid, geluk en vergeving vanuit verschillende perspectieven onderzocht worden. Hierdoor ontwikkelen leerlingen een ruimere blik op menszijn en krijgen zij een dieper inzicht in het menselijk bestaan. Bovendien leren ze zichzelf en elkaar ook beter kennen.

De lessen zijn ook heel geschikt om als ingang te gebruiken als docenten met leerlingen in gesprek willen gaan over actuele maatschappelijke situaties, die mogelijk beladen zijn met emoties en uitgesproken meningen. De lessen zijn gericht op leerlingen in groep 7 en 8, en in de onderbouw van het voortgezet onderwijs.

Voor meer informatie en een inkijkje in het boek, klik HIER.
 




NIEUWE MOGELIJKHEDEN         

Het CBOO bericht is niet alleen bron van nieuws, dat wordt aangeboden.

U kunt er zelf ook aan bijdragen door:

  • te reageren op meningen, die er in worden gegeven. Ze zullen mits niet buiten publicitaire orde worden geplaatst om de berichten ook als interactief medium te kunnen inzetten. Ze worden dan immers een forum voor discussie!
  • nieuws te plaatsen, dat behalve voor uw openbare school of daaraan verwante instelling interessant kan zijn voor lezers van CBOO berichten. Dat kan te maken hebben met positieve PR t.b.v. openbare scholen, tot het aankondigen van manifestaties die van belang zijn voor velen die in of voor het openbaar onderwijs werken.
  • oproepen te laten plaatsen voor acties, die met het openbaar onderwijs van doen hebben. Mogelijkheid daarbij is, dat het CBOO een intermediaire rol kan spelen bij het onder de aandacht brengen van het door u te berde gebrachte bij bijvoorbeeld lokale overheden, besturen openbaar onderwijs, maar ook landelijke politici. Die lezen voor zover het leden van de Vaste Kamercommissie Onderwijs van de Tweede Kamer (en ambtenaren van het Ministerie van OCW) betreft ook CBOO berichten.
  • voor voorgaande zaken en voor verdere inlichtingen te mailen met info@cboo.nl of te bellen 030 - 2989167 (buiten kantooruren wordt u doorgeschakeld naar mobiel nummer van CBOO secretaris M. Hietbrink).



LET OP!!!! NIEUW PRIVE-EMAILADRES!!   CBOO-secretaris M. Hietbrink is bereikbaar op:

030 - 298 91 67

mob: 06 - 539 744 37
email: info@cboo.nl of mhietbrink1948@gmail.com